EmotionalImage

Gevoeligerds

Al een tijdje geleden heb ik op Facebook gevraagd over welk onderwerp jullie graag iets lezen. Vandaag kreeg ik te horen, dat een moeder graag iets zou lezen over Hoogsensitiviteit.

Hoogsensitiviteit… het woord doet iets met sommige mensen. Ik hoorde laatst: ‘Ik krijg er de kriebels van, al die kinderen, die maar zo ‘hoogsensitief’ zijn!’. Nou heb ik hoogsensitief tussen aanhalingstekens gezet, omdat die moeder dat ook deed met haar vingers in de lucht, alsof het iets is wat verzonnen is. Waarom? Zou het beangstigend zijn voor ouders van niet-hoogsensitieve kinderen? Vinden ze het flauwekul? Ik weet niet, waarom mensen er moeite mee hebben, maar ik weet wel, dat er veel gevoeligerds (deze benaming heb ik geleend van Louisa Perreyn ze) rondlopen.

Ik ben gek op gevoeligerds, want ik ben er zelf ook een en herken mezelf ook in deze groep kinderen. Wat maakt een gevoeligerd nou zo leuk? Het zijn kinderen, die ‘open staan’. Nou is het zo, dat je open-staan ook wel gebruikt voor mensen die bijvoorbeeld open-staan voor nieuwe ideeën, mensen, die niet star zijn, mee buigen met anderen, niet gek opkijken van anderen; nou ja; vul maar in!

Bij de gevoeligerds is het eigenlijk een beetje hetzelfde. Het zijn dus kinderen, waar alles binnenkomt en ze gaan ook nog eens meteen met alles ‘aan de slag’. En dat is ook de reden, dat veel gevoeligerds het zo moeilijk hebben. Kinderen komen over als AD(H)D en dromen (lees denken) veel. Ze horen alles om zich heen gebeuren en voelen daarbij ook nog eens haarfijn aan, wat er allemaal speelt bij anderen. Sommige gevoeligerds kunnen hier prima mee omgaan en dat zijn de autentieke kinderen. Ze kunnen hun andere manier van denken (want dat is meestal ook nog eens zo) inzetten om erg creatief te zijn en buiten alle hokjes te denken. Ze zijn lekker zichzelf.

De meeste hoogsensitieve kinderen merken wel, dat ze ‘anders’ zijn, maar kunnen leren om om te gaan met dit anders zijn en ontdekken waar hun kracht/kwaliteit zit. Wanneer deze kinderen mogen/kunnen zijn wie ze zijn, komen ze tot bloei. Soms is het zo, dat het niet vanzelf gaat en is hier begeleiding bij nodig.

Ik help kinderen op  sociaal emotioneel gebied, omdat deze kinderen zichzelf soms een beetje ‘kwijt’ zijn. Kinderen hebben met zo veel verschillende systemen te maken, en doen dan zo hun best om zich aan te passen, dat dit overweldigend kan zijn. Deze kinderen mag ik 1 op 1 begeleiden of in een van onze KRAGT-trainingen. We zoeken dan naar de kwaliteiten van het kind en kijken naar wie hij of zij écht is.

De hulp kan ook nodig zijn op het cognitieve gebied, want sommige gevoeligerds zijn beelddenkers en zijn wel slim, maar laten dat niet zien op school. Deze kinderen kan ik begeleiden met Ik Leer Anders. Ze leren de stof op een andere manier tot zich te nemen en maken dan vaak sprongen op school.

Mocht je nog vragen hebben of begeleiding willen voor je kind, dan kan je natuurlijk contact opnemen! kindercoachapeldoorn@gmail.com

Kinderen in een hartje

Vol met energie stuiter ik weer door het leven! Samen met Silvana Kuipers van kind en gezincoach uit Bussum ben ik momenteel weer een KRAGT-groep  aan het begeleiden. De KRAGT-training is een soort van weerbaarheidstraining, die gebaseerd is op het systemisch gedachtengoed. Door te leren wie ze zijn, waar ze vandaan komen en waar ze naartoe willen en hoe ze dat kunnen gaan doen, voelen de kinderen zich zelfverzekerder en steviger in de schoenen staan. De kinderen in onze huidige groep zijn wederom ‘fantastische exemplaren’ en zij zijn mede de reden waarom ik kindercoach ben geworden!

Als leerkracht stond ik ook voor mooie groepen. Deze groepen waren niet zo bijzonder door de ‘doorsnee’ kinderen (als die eigenlijk bestaan?!).  Nee; deze groepen waren bijzonder, door een Floris met zijn faalangst, Jip, die haar mond niet kon houden, Mirjam, die vaak gepest werd of Jan, die elke dag aan het vechten was op het plein. Natuurlijk zou het voor alle kinderen (en vooral voor de Florissen, de Jippen, de Mirjammen en de Jannen) fijner zijn als het leven stabieler zou zijn en er niet gepest zou worden en iedereen zich prettig voelt, maar helaas is dat niet het geval. Gelukkig kunnen we deze kinderen wel helpen.

Tijdens de KRAGT-training gaan we met de groep kijken naar de kwaliteiten van alle kinderen. Welke kwaliteiten zijn het, die jou sterk maken en hoe kom jij aan deze kwaliteiten? Heeft iedereen dezelfde kwaliteiten of hoeft dat helemaal niet? Wat maakt jou nou zo uniek en wat maakt jou jou? Maar ook de vraag; wie ben jij in je gezin? (bijvoorbeeld de oudste zoon) of wie ben jij op anderen plekken? (denk aan school, (sport) clubjes, op straat etc.) Alle verschillende systemen en alle verschillende plekken in deze systemen zijn vandaag de dag nogal overweldigend voor veel kinderen.

De kinderen, die bij ons komen, komen soms wel met eenzelfde hulpvraag, maar de reden van de hulpvraag en ook zeker de oplossing kan tot op zekere hoogte heel verschillend zijn. De overeenkomst tussen alle oplossingen zit hem in het feit, dat wanneer kinderen zichzelf beter kennen (inclusief alle plus- en minpunten), ze sterker uit de strijd komen. Het is mooi om een groep te mogen begeleiden en samen met de kinderen er achter te komen ‘wie’ ze zijn om zich zodoende te mogen laten zien als zichzelf; gewoon, zoals ze zijn!

Deze kinderen stoppen we maar weer in een hartje! (in plaats van een hokje)

Rozengeur en manenschijn

Toen ik mijn man leerde kennen, bleken we al snel een (natuurlijke?) wens te hebben om samen kinderen te ‘krijgen’. Toen hij mij ten huwelijk vroeg en nog voordat we goed beseften wat het zou omvatten; een leven met kinderen, was ik zwanger. We zijn toen 6 weken op de motor naar Spanje gegaan en we hebben als ‘lectuur’ nog even ‘bevallen en opstaan’ gekocht. Leuk, want zo kom je van alles te weten over het bevallen (en opstaan).

Ik had last van ‘avondmisselijkheid’ in plaats van ochtendmisselijkheid, maar verder ging alles goed. Ook de bevalling was achteraf meegevallen. Met een kind houd je leven niet op. We namen onze dochter overal mee naartoe; vrienden, restaurant, boodschappen, uitjes….. waar wij gingen, ging zij mee. Na een jaar bleken we het zo leuk te vinden, dat een volgende ook welkom was en na een miskraam en een lange wachtijd, kwam dame nummer twee. Zelfde verhaal qua zwangerschap en bevalling, maar opeens waren we een gezin met een peuter en een baby. Dat verandert de zaken opeens.

Je komt niet meer zo makkelijk ‘aanzetten’ bij je vrienden met de hele bups. Waar leg je de peuter te slapen? Die baby slaapt wel in haar reiswiegje, maar die peuter moet toch op z’n minst een logeerbedje. Ook de boodschappen doen en alles is ingewikkelder. Maar we vonden ‘het gezin’ wel erg leuk, dus een jaar verder kwam mevrouw nummer drie. Toen hadden we opeens een kleuter, peuter én een baby. Het leven is echt een stuk hectischer geworden en de rust leek niet meer wedergekeerd. Erger nog… het lijkt (11 jaar later) nog steeds ingewikkelder te worden.

De combinatie van werk, studie, huishouden en gezin is me wat! Nu met 3 pubers lijkt het heftiger dan ooit. Niemand eet meer tegelijkertijd thuis, want er zijn altijd wel sporten, clubjes, feestjes, werk, oppasafspraken, oudervoorlichtingsavonden etc.

Nu mogen we niet zeuren, want we hebben het ons zelf op de hals gehaald, maar de rozengeur en manenschijn is soms ver te zoeken. Afgelopen weekend stond er in de VK-magazine een betoog over hoe zwaar het leven van werkende moeders werkelijk is en vandaag een betoog over hoe gelukkig we onszelf mogen prijzen, dat we het beste mogen combineren. En de waarheid; die ligt volgens mij in het midden, want ik heb nog niet verteld hoe fantastich het ook is om een werkende moeder te mogen zijn? Ik zou mijn dochters voor geen goud willen/kunnen missen en ik krijg energie van alle drukte! Elke dag is het huis gevuld met gelach, gehuil, geruzie en gezang! We hebben 3 totaal vershillende dames in huis gehaald, die allemaal onze goede en slechte facetten laten zien, want onze dochters zijn onze spiegels. Onze kinderen houden ons jong en zorgen ervoor, dat we continue wel moeten reflecteren op wat we zelf doen.

Ik heb wel eens met veel jaloezie gekeken naar mijn kinderloze vrienden, maar ik zou er (zelfs nu ik weet hoe het is), het zo weer overdoen!

Soms zijn er momenten, dat het tegenzit en dan is er gelukkig professionele hulp! Soms heeft een kind of een ouder een luisterend oor nodig en dan zijn er gelukkig coaches e/o therapeuten, die je weer op weg helpen.

Ben jij een ouder, die tijdelijke ondersteuning of tips wil van een kindercoach of heb jij een kind, die niet lekker in zijn vel zit? Voel je dan vrij om contact met mij op te nemen!

Loslaten

Vanaf het moment, dat kinderen worden geboren, begint het loslaten. Maar hoe doe je dat nou op een goede manier? Wanneer laat je te veel los en wanneer houd je te angstvallig vast?

Op het moment, dat je je babytje in je handen hebt en de navelstreng is doorgeknipt, bestaat er nog steeds een ‘lijntje’ tussen jou en je kind. Jouw baby is nog geheel afhankelijk van jou; jij moet zorgen, dat het te eten krijgt of misschien zelfs, het eten maken met je lijf. Jij zorgt ervoor, dat het schoon is, lekker kan slapen en tevreden is. Zonder jouw zorgen zou je baby het niet redden. Maar naast deze verzorging ben je ook bezig met  het  opbouwen van een hechtingsband met je kind. Door de constante verzorging, aankijken en praten tegen je baby ontstaat deze hechting. Deze hechting is belangrijk om zich later goed te kunnen ontwikkelen. Het eerste moment van loslaten is vaak, wanneer een moeder besluit te stoppen met het geven van borstvoeding.

Vanaf het moment, dat babietjes dreumessen worden en dus ook mobieler, begint het echte loslaten. Voor sommige moeders een makkie, maar voor anderen (en dan spreek ik ook voor mezelf) is dat iets moeilijker. Wat kan er allemaal wel niet gebeuren? Je kind kan zijn hoofd stoten tegen de tafelrand, van het stoepje afkukelen, van het klimrek kletteren, vallen met fietsen, een hockeybal op de snoet, in de goot landen na een avondje stappen……En dan heb ik het nu alleen nog maar over de fysieke gevaren…. Ik ben nogal beschermd opgevoed en kreeg vaak:’kijk uit’,’ ga niet zo hoog’ etc. naar mijn hoofd ‘gelsingerd’ en dat zit dus een beetje in mij. Mijn truc, toen de kinderen klein waren, was om af en toe niet te kijken wat ze deden, zodat ze hun eigen fysieke grenzen konden ontdekken. Dit natuurlijk binnen de grenzen van het redelijke.

Dan is er nog het andere loslaten. Het emotionele deel. Dit is misschien nog wel moeilijker! Vertrouw op je kind, dat het de juiste beslissingen maakt. En natuurlijk maken ze fouten; zorg, dat je er dan bent om er over te praten, maar bemoei je niet (te veel) met de vriendschappen, die ze aan willen gaan. Kijk mee, langs de zijlijn, maar vertrouw, dat je kind goede beslissingen kan nemen. En vertrouw er ook op, dat je kind bij je komt, op het moment, dat het hier hulp bij nodig heeft. Wanneer jij je kind vertrouwd, zal het zich sterker voelen en zal het uiteindelijk ook zekerder voelen van zichzelf.

Zoals ik ooit heb gelezen, toen mijn kinderen nog klein waren; ‘je moet een beetje ontaarde moeder zijn, zodat je kinderen zelfredzaam kunnen worden.’  Soms ben ik ontaard, omdat ik op dat moment geen tijd of energie heb en dan troost ik me met de gedachte, dat het goed voor ze is. Soms zit ik er bovenop en dwing ik mezelf wat afstand te nemen om zodoende ‘ontaarde moederpunten’ te scoren. Het komt goed; ze kunnen het zelf! En als het even niet alleen lukt, zorg dan dat je er bent voor een pleister, knuffel of een luisterend oor!

loslaten IMG_7448

Huiswerk plannen

 

In (bijna) elk gezin met pubers geeft huiswerk erg veel stress. Niet alleen voor de kinderen zelf, maar ook voor de ouders is huiswerk een terugkerend probleem.

Het feit, dát het wekelijks terugkeert en nooit écht af is is een probleem, want ook al heb je je huiswerk af, er blijft ook altijd weer iets nieuws om te maken of leren voor de dag of de week erna. Tegelijkertijd geeft het feit, dat het een terugkerend evenement is ook houvast. Je weet namelijk, dat het eraan komt en je kan het dus ook plannen.

In eerste instantie is het handig om een vaste dag te pakken om alles in te plannen. Thuis gebruiken wij hier de vrijdagmiddag voor. De agenda moet dan wel goed zijn ingevuld, dus we checken dat op Magister (of een ander programma waar uw kind op school mee werkt) en vullen de agenda aan met alles wat er nog niet (goed) instaat. De proefwerken, repetities of schriftelijke overhoringen (het leerwerk) kleuren we met een markeerstift, zodat we daar goed zicht op hebben.

Vervolgens maken we een lijstje met al het maakwerk en leerwerk en schrijven daarachter hoeveel tijd je er aan moet besteden. Dan maken we een nieuw lijstje met de dagen, dat je je huiswerk gaat maken en leren. Eerst begin je met het inplannen van het leerwerk. Je gaat het leerwerk backplannen. De dag voor de overhoring plan je in voor herhalen van het geleerde. Vervolgens kies je nog 2 of 3 andere dagen om de stof te leren.

Daarna gaan we het maakwerk inplannen. Zelf vinden wij het prettig om zoveel mogelijk alvast in te plannen in het weekend. Dat geeft ook lucht door de week en extra ruimte voor huiswerk, dat pas op het laatste moment wordt opgegeven.

Hou bij het inplannen rekening met de volgende punten:

-       Hou realistische tijden aan bij je planning!

-       Zorg ook voor rustmomenten!

-       Plan je sporten of hobbies ook in!

-       Wissel maak- en leerwerk af

-       Begin met iets makkelijks en wissel ook makkelijk en moeilijk huiswerk af.

Volgende keer schrijf ik een stukje over het maken en leren van je huiswerk!

Lukt het niet goed alleen of heb je interesse om begeleiding te krijgen in het inplannen van je huiswerk, neem dan contact met me op. Ik help je graag. Waarschijnlijk hebben we het binnen 4 x wel op de rit en kan je dan zelf weer verder.

Kijk gerust op mijn site www.kindercoachapeldoorn.nl

Of neem direct contact met me op! Mail me kindercoachapeldoorn@gmail.com of bel me 06-48502087.

Vriendelijke groet,

Suzanne Stikvoort-Quéré, Kindercoach Apeldoorn